woensdag 11 maart 2020
Druppeltjes
Tijdens het lezen van een roman op mijn oude iPad (eerste generatie) moest ik ineens hoesten, meer proesten eigenlijk. Te onverwacht en te snel om nog mijn hand of elleboog te kunnen bereiken. Over de digitale bladzijde van het boek verschenen een aantal druppeltjes, die werden uitgelicht van achter de glasplaat vandaan. Ik boog mij voorover en zag uiteraard geen virus, maar minutieuze diamantjes, die schitterden als kleine sterren wanneer ik mijn hoofd bewoog. Boeiend.
Gezien de heersende en groeiende epidemie zal ik het apparaat maar niet uit handen geven en delen met anderen.
woensdag 5 februari 2020
Wonen in een sociale huurwoning in Frankrijk
Zoals vermeld in een eerder verslag, woon ik nu in Alès, iets ten noorden van Nîmes en anderhalf uur rijden van Montpellier en Avignon vandaan. Inmiddels ruim negen maanden, eenzelfde periode als de gemiddelde duur van een zwangerschap. Dus ligt het voor de hand om te beschouwen welke vrucht(en) deze periode al dan niet heeft afgeworpen. Plus het antwoord op de vraag hoe de winter door te komen in een kleine woning waarin ik nog niet eerder kou en sneeuw heb mogen meemaken.
De woning maakt deel uit van een vrijstaand blok met vier verdiepingen en is gelegen op de begane grond. De weinige vensters zijn gericht naar het oosten, zodat 's morgens de ochtendzon - wanneer die schijnt - mij verwelkomt op een nieuw aangebroken dag. Het gebouw zelf is strak uitgevoerd, zonder opsmuk en de voornaamste kleuren aan de buitenzijde zijn grijs, gebroken wit en een soort roze, hetgeen iets Barbie achtigs met zich meebrengt. Het dak is plat, dus mag het geheel met gerust hart een flat heten. Links en rechts staan soortgelijke gebouwen, een iets groter en een iets kleiner gebouw. Tezamen geeft dat enigszins het gevoel van een buurt. Aan de noordelijke rand van de stad, wanneer je vergeet te remmen, verlaat je onbedoeld Alès. Omdat de rivier de "Gardon", met weliswaar een erg lage waterstand, voor de deur stroomt, is er een aanzienlijk lege ruimte tot aan de overkant, waar zich een enorme recycle installatie van de overheid bevindt en een atletiek park, waardoor je soms - afhankelijk van de windrichting - megafoon geluiden meekrijgt indien er wedstrijden worden gehouden. Tot mijn vreugde is er pal voor de deur meestal parkeerruimte beschikbaar, iets wat ik niet meer gewend was sinds mijn verblijf in het stadskasteel in Anduze. Daar moest ik een eindje lopen om de dichtstbijzijnde parkeerplaats te bereiken en de nagenoeg dagelijkse boodschappen deed ik daar op de fiets. Een solide Italiaans vehikel met een krat voorop om spullen te vervoeren. Nu ben ik eerder en sneller geneigd om met de auto boodschappen te halen in een verderop gelegen supermarkt, die gek genoeg "Casino" heet. Alhoewel ik niet gok ga ik dus zeer regelmatig naar het casino. Tussen Anduze en Alès paste ik op een huis in een dorp op 15 kilometer afstand en daar moest je wel met de auto op pad om benodigdheden te bemachtigen.
Het hele complex herbergt sociale huurwoningen, in Frankrijk "HLM" genaamd (Habitation à Loyer Modéré), vandaar de simpele en strakke architectuur. Tot mijn verbazing is er wel een conciërge. Een alleraardigste man, met wie ik allereerst kennismaakte om de aangeboden woning te bezichtigen. Hij reinigt enkele malen per week het trappenhuis en entreegebied, vervangt kapotte lampen in de gemeenschappelijke ruimtes, ruimt verwaaide papiertjes op buiten en bemiddelt wanneer een reparatie in een woning dient te worden gedaan.
Tot op heden ken ik mijn medebewoners slechts van begroetingen bij de entree, door geluiden die de buitenlucht bereiken en door observaties vanachter mijn raam. Zo zie ik geregeld gesluierde vrouwen van middelbare leeftijd, mannen van verschillende leeftijden en mogelijk ook geboorteland, jonge mannen die wellicht een stel zijn, een verwaarloosde oudere dame met een suffe, zwarte hond, een man in trainingspak met een eveneens zwarte hond die enorm aan de lijn trekt en een dame op leeftijd met een zwaar brilmontuur, een zware stem en ook een zware fiets waarop ze regelmatig vertrekt, beladen met allerlei tassen. De laatstgenoemde persoon maakte mij in nogal veel en heftige bewoordingen midden in de zomer duidelijk dat die benedenwoningen in de winter niet warm te krijgen waren. Ze kwam een keer veel te laat binnenwaaien (in de herfst) op een buurtbijeenkomst over de toekomst van de wijk en lulde zonder op of om te kijken dwars door iedereen heen. Beleefd doch dringend probeerde iedere aanwezige haar weer naar buiten te kijken, toen werd ze rustiger. Uiteraard probeer ik op enige afstand van haar te blijven, niet wetende hoe haar geestestoestand er voor staat.
Een kleine, lenige man met een gesluierde vrouw aan zijn zijde komt en gaat met een tweedeurs zwarte Mercedes, die geblindeerde ramen en een Engels kenteken heeft. Hij begroet mij altijd vriendelijk en ik heb geen idee wat hem in het dagelijkse leven bezighoudt. Misschien moet ik tot eind mei geduld hebben. Dan is de "Ramadan" afgelopen en kan ik wellicht vanwege de "Idul Fitri" festiviteiten kennis maken met meerdere bewoners die boven mijn hoofd en opzij van mijn woning bivakkeren. Midden in de winter had ik de kleine hond - een Chihuahua - van mijn dochter te logeren. Zij vierde kerstmis in Parijs en het was te ingewikkeld om het beestje mee te nemen. Aldus deed ik minstens twee maal daags een ronde rond het gebouw om het beestje zijn behoefte te laten doen en uitgebreid te laten snuffelen naar sporen van andere honden. Wanneer ik dan de woning van de verwaarloosde oudere dame met die suffe, zwarte hond passeerde, klonk er oorverdovend geblaf. Die hond zag of rook uit de verte kennelijk dat ik daar liep met die kleine soortgenoot. Dat blaffen was verdraagbaar, maar niet voor die vrouw. Zij schreeuwde en blafte er overheen met de bedoeling haar eigen hond tot kalmte te manen. Arm beest. Die kleine van mijn dochter trok zich er niets van aan en deed wat ie wilde doen.
Wat betreft de verwarming was het inderdaad afzien. Daar had die vrouw met zwaar brilmontuur wel gelijk. Ik had de centrale verwarming - een groot woord met anderhalve radiator - de hele dag aan, de thermostaat op 20 graden gezet en desondanks werd het niet warmer dan 18 graden. De winter daarvoor in het oppas huis in het dorp had ik dezelfde ervaring en ik was niet gelukkig wederom in een voor mij te koud huis te zitten. Er zat niets anders op dan de conciërge hierover raadplegen. Die regelde een afspraak met een monteur. Die kwam, controleerde alles en voerde de temperatuur in de verwarmingsketel op. Dat hielp, nu kon ik eindelijk - zij het na een aantal uren - de 21 graden halen. En twee dikke, warme vesten die ik vorige winter van vrienden uit Nederland toegezonden had gekregen, die gebruik ik nog steeds dankbaar. Sneeuw en ijs zijn er niet gekomen, heel zelden vroor het 's nachts een beetje. De opwarming van de aarde lijkt meer en meer zichtbaar te worden.
Zo ging ik na in welke jaren er nog sprake was geweest van een elfstedentocht in Nederland. De laatste was in 1997, het geboortejaar van mijn dochter en gelukkig was er ook een in mijn geboortejaar, 1954. Maar nu is het lijdzaam afwachten of er "überhaupt" nog een gaat komen. Die laatste tocht had ik opgenomen op videoband. Voor je weet maar nooit. Wellicht was dat een vooruitziende blik. Helaas heeft het langdurig verblijf in Indonesië alle videobanden aangetast met schimmel en zijn ze stuk voor stuk onbruikbaar geworden. Eentje had ik geprobeerd te redden door met veel geduld de cassette te openen en met een pen de vastgekleefde magneetband van links naar rechts te spoelen en weer van rechts naar links. Dat was de video met "Dinner For One", een Duitse traditie om die vertoning ieder jaar op rij met oud en nieuw te bekijken en ik deed die reparatie voor een Duitse conservatrice (!) die op Bali woonde en zij verlangde ernaar die film nog eens te zien. Alhoewel de band flink beschadigd was, lukte het om ongeveer ruim de helft van het beeld te zien en het geluid deed het ook nog. Vandaag de dag kun je gelukkig al dit materiaal on line vinden, dat compenseert het verlies van dat video archief en gelukkig zijn de meeste opnamen, die ik heb gemaakt met camera op mini DV tape van Sony, nog afspeelbaar. Tot vreugde van mijn dochter, want zij is vaak de hoofdpersoon in die opnamen tijdens het opgroeien in Bali waar we toen woonden.
Over Bali gesproken, de villa - die inmiddels meer op een aanstaande ruïne gaat lijken - is nog steeds niet verkocht of overgenomen door mijn ex en haar familie. Ik wacht nu al schandalig lang door toezeggingen die jaren geleden werden gedaan. Wat dat betreft zou het zomaar kunnen dat ik langer dan voorzien in de huidige kleine woning dien te verblijven. Op zich lukt dat wel, zeker nu ik mijn projector heb geïnstalleerd om vanuit bed op groot scherm films te kijken voor het slapen gaan. Het meest van alles mis ik een atelier om groot en ruig te kunnen werken. Een plek waar ik chaos kan creëren en dan de deur achter mij kan dichttrekken. Nu moet ik mij behelpen op een formaat van 30 bij 40 centimeter en is de woonkamer, annex slaapkamer mijn atelier. Verre van ideaal en daarom hoop ik dat er kans is op verandering.
Eerst maar eens proberen de buren te leren kennen, vooruit te kijken naar het naderende voorjaar, goede films in het theater in deze stad te gaan zien, mijn bejaarde moeder in Nederland te bezoeken en wie weet een aardige partner te vinden met wie ik lief en leed zou kunnen delen. Zelfs met een kleine woning moet dat allemaal kunnen lukken.
maandag 16 december 2019
Gedicht
Ik moest ineens
aan dit gedicht denken.
De deur staat
wagenwijd open.
Er is niks gedicht.
Iedereen kan zo
naar binnen lopen.
aan dit gedicht denken.
De deur staat
wagenwijd open.
Er is niks gedicht.
Iedereen kan zo
naar binnen lopen.
Meppel in Frankrijk
Soms helpt een vergelijking voor het accepteren van nieuwe omstandigheden, in mijn geval de nieuwe woonplek, Alès in de Cevennen sinds 1 mei 2019.
Geboren in Den Bosch, verhuisd naar Arnhem tijdens het opgroeien, toen Meppel (mijn vader kreeg ander werk) voor vervolgstudie en daarna voor werk en andere studies naar Amsterdam. Tot zover Nederland. Van Amsterdam verhuisd naar Bali, een onderbreking in Perpignan in Frankrijk, terug naar Amsterdam voor een paar jaar, toen weer Bali en van daar naar Frankrijk, het werd Anduze, niet ver van Alès vandaan. Anduze heeft iets van 3500 inwoners en voor allerlei zaken (ziekenhuis, witgoed, auto onderdelen en treinverbinding) was je op Alès aangewezen, een stad met iets minder dan 40.000 inwoners, zeg het tienvoudige van Anduze.
Ik ging meestal met tegenzin naar Alès, zoals ik ook met weinig plezier ooit in Meppel heb gewoond, een tamelijk nietszeggende plaats op de grens tussen Drenthe en Overijssel. Dat kwam in Alès door de vele woonkazernes, de rivier de Gardon die de stad in tweeën splijt met betonnen zijmuren en die ook nog een lage waterstand heeft, een beschadigd centrum, restanten van de mijnbouw die er ooit floreerde en een enorme concentratie van grote bedrijven aan de randen van de stad, met name aan de oostzijde. Zoals mega supermarkten, auto garages, bouwmarkten en kantoorgebouwen. Bereikbaar na het nemen van een ontelbaar aantal rotondes die meestal fraai gedecoreerd zijn, dat dan weer wel. En meestal kon je vinden wat je zocht in een bepaalde winkel.
Laat nou uitgerekend in deze stad een woning aan mij worden toegewezen via de franse overheid. Ja gezegd, omdat ik op dat moment geen alternatieve keuzes had en de huursom was zeer schappelijk. En gelukkig niet een appartement in een van die woonkazernes (waarvan ze nu een deel aan het afbreken zijn trouwens), maar begane grond in een woonblok met 3 etages.
En, vergeleken met de beperkingen in Meppel, is Alès toch niet zo slecht om te wonen. Zuidelijk, dus veel zonneschijn en een gegarandeerd warme zomer. Er is een theater, een moderne bioscoop, een Nederlandse cardioloog in een moderne kliniek, er zijn terrassen in het centrum, in de zomer verschijnt er een heus strand aan de rivier met horeca en parasols. En van waar ik woon, aan de noord-west kant (net binnen de stadsgrens), kun je per auto binnen 7 minuten een plek aan een riviertje bereiken om te zwemmen. Volgens een web site van de overheid, waar de kwaliteit van zwemwater in het hele land wordt gevolgd, is het een uitstekende plek om te zwemmen. Al een paar keer gedaan dus.
Nu zien hoe ik in Alès de winter doorkom. Het kleine appartement voelt toch een beetje als een caravan zonder wielen (heeft ook voordelen). En de radiatoren (slechts 2 stuks) zijn overduidelijk uit de vorige eeuw, evenals de verwarmingsketel die ze aanstuurt. Hopelijk gaat het niet vriezen!
donderdag 13 juni 2019
Verloop
Aan de ene kant is het best wel fijn dat Nederland open staat voor tal van invloeden van buitenaf, van over de grens zogezegd. Dat merk je aan het straatbeeld, in de politiek, aan het voedsel dat wordt aangeboden in allerlei winkels en op markten, aan het feit dat je je nagenoeg (in de steden althans) overal in het engels verstaanbaar kunt maken en aan de aanwezigheid van vele internationaal opererende ondernemingen. Ook op het gebied van kunst, cultuur, innovatie en media levert Nederland door die openheid bijdragen die opvallen qua kwaliteit en durf. En je merkt het ook in het dagelijkse taalgebruik. In tegenstelling tot landen als Frankrijk en tot het Vlaamse taalgebied, worden met gemak begrippen en woorden uit andere talen (vooral uit de engelse taal) gebezigd en redelijk snel ook normaal gevonden. Zo hoor je praten over megabytes, downloaden, screen saver, servers, providers, design, bachelor, cappuccino, fast food, prime time, trendy, column, air miles, guilty pleasure en nog veel meer. Helemaal vreemd is dat niet. Nederland is een klein land en de geschiedenis heeft er ook toe bijgedragen dat allerlei woorden van oorsprong niet Nederlands waren en toch volop werden geïmporteerd en gebruikt. Denk bijvoorbeeld aan toko, senang, nasi en maling uit het Indonesisch en een waslijst aan woorden uit het Frans, zoals administratie, bureaucratie, centrifuge, corruptie, crediteren, marcheren, monteren, chargeren en stationeren. Zij het dat achter de werkwoorden in veel gevallen 'en' aan het eind werd geplakt.
Aan de andere kant leidt die openheid ook tot nogal snelle inburgering van woorden en uitdrukkingen die veelvuldig voorkomen in zowel straattaal als in de media. En wanneer je die te pas en te onpas hoort zie je een soort verloop in het 'gewone' taalgebruik. Gedurende lange tijd viel mij op hoe mensen een opmerking of zin afsloten bij een gesprek en ook bij het beantwoorden van een vraag met als laatste opmerking 'dus' of 'niet dan' en 'of zo'. De laatste tijd vallen mij andere woorden op die met het grootste gemak en nogal vaak worden gebruikt: 'je kut voelen', 'iemand framen', 'helemaal top', 'roller coaster', 'je momentje pakken', 'fock it', 'het kan niet zo zijn dat' en ga zo maar door. 'Mobieltje' is er ook zo een, net als allerlei andere woorden die mensen graag verkleinen, 'kopje koffie' en 'glaasje wijn'. Voeg daar nog het vermaledijde 'gezellig' aan toe en het feest is compleet. Een soort verloop in de taal waar je niet meteen blij van wordt. Zo is het nu een mode verschijnsel om in beeld met beide handen een hartje te vormen. Net zo opvallend als dat een flinke tijd geleden mensen begonnen om met beide handen en bewegende vingers aanhalingstekens na te doen. Daarmee 'zogenaamd' bedoelend. Of met gespreide duim en pink bij je oor aangeven dat je een telefoongesprek voerde. Dat hartje zal dan wel een samenvatting zijn dat alles in orde is of een eenvoudige manier om je beperkte kijk op de dingen vorm te geven. Zou kunnen.
Ben benieuwd wanneer het moment aanbreekt dat we de motoriek van een robot gaan imiteren of gebaren gaan maken wanneer je het over een zelf rijdende auto hebt (armen over elkaar?). Dat zal per land ook nog voor verrassingen zorgen. Nu al moet je - over de grens - uitkijken welk gebaar je maakt om te zeggen dat iets lekker is, om aan te geven dat iemand pienter is of dat je je goed voelt. Italianen hebben wel 65 verschillende handgebaren om hun uitspraken als het ware van ondertitels te voorzien. Sla een Italiaan in de handboeien en hij of zij kan eigenlijk niet meer normaal praten. In ieder geval blijft er in Nederland werk voor degenen die woordenboeken toetsen op hun actualiteit en zich af moeten vragen of een bepaald woord of een bepaalde uitdrukking de vermelding in een woordenboek gaat halen of er juist weer uit moet. Eveneens door toedoen van diverse media heeft het verloop van taal ook voor verrijking gezorgd, denk onder andere aan 'oudere jongere', 'doemdenken' en 'lullig'.
( zie ook: nos.nl/artikel/2316448-10-jaar-taal-nederlands-raakt-steeds-meer-versplinterd.html )
maandag 10 juni 2019
Verhuizen
Pas maanden later kwam ik er achter (door huurschuld) dat al die bijdragen waren komen te vervallen. Dat overrompelde mij en ik werd overmeesterd door een soort paniek gevoel. Hoe in godsnaam verder met slechts een klein pensioen inkomen, waarvan ruim 80 procent zou opgaan aan vaste lasten. Daar kwam nog bij dat mijn dochter zou verhuizen naar een andere stad voor studie en ik in mijn eentje een veel te groot appartement zou bewonen. Het kostte mij slechts enkele dagen om een rigoureus besluit te nemen: inpakken en wegwezen. Waarheen? Dat wist ik nog niet. Verhuizen naar Italië was geen optie omdat het huis van mijn vriendin geen extra bewoner kan huisvesten en zij zelf bovendien niet de makkelijkste persoon is om plotseling mee te gaan samenwonen. Eerst maar eens alles opruimen, inpakken en opslaan op een daarvoor bestemde plek. In dat opzicht heeft verhuizen een goede kant. Je bij ieder ding dat je beetpakt je afvragen of het bij jou moet blijven in de toekomst of niet. Wat ook hielp was de beperking dat je met een gewoon rijbewijs een busje kunt huren tot 20 m3 volume. Dus hield ik mij ook bezig met het meten van ieder voorwerp en het optellen van de volumes aan verhuisdozen, om zodoende onder die 20 m3 te blijven en dat lukte. Daarvoor was het wel noodzakelijk om zithoek, eettafel en bijbehorende stoelen, piano, kasten, kantoorstoelen, lampen, Indonesische sculpturen, ladekasten, enkele bedden en nog wat spullen van de hand te doen. Deels via een franse marktplaats on line en deels via verkoop aan een winkel voor tweedehands goederen.
Al met al was ik twee maanden bezig met deze operatie, eveneens met het inventariseren en inpakken van alle schilderijen en tekeningen. Tegelijkertijd had ik mij aangemeld bij een web site waar ze zoeken naar mensen die op huizen willen passen. Meestal omdat de eigenaren huisdieren en/of andere beesten hebben, die tijdens hun afwezigheid verzorgd en geamuseerd moeten worden. Honden, katten, ezels, paarden, kippen, geiten, van alles kwam er langs op die site. Gelukkig vond ik een adres, niet heel ver van Anduze vandaan, waar ze geen beesten hadden en gewoon een oppas/bewaker wilden voor een periode van 7 maanden, dat sneed hout! En ja hoor, ze kozen mij uit om die taak op mij te nemen. Zo kwam ik terecht in een dorp waar je een kanon kunt afschieten zonder een slachtoffer te maken. Geen goede plek voor terroristen. Een huis met royale keuken, een open haard, een atelier en een tuin, alhoewel je daar niet veel aan hebt gedurende de wintermaanden.
Die open haard (zo eentje met een glazen deur ervoor) was een farce, die verwarmde slechts de schoorsteen en de buitenlucht. Ik ging uiteraard niet op het dak zitten om mijzelf te verwarmen. Het moment dat de winter echt begon ontving ik van vrienden in Amsterdam een doos met warme kleding, waaronder een paar vesten. Zij hadden begrepen dat ik het best koud had daar en mijn eigen winterkleding zat in een opslag ver weg. Een van de (dikke) vesten werd mijn favoriet en die heb ik nagenoeg versleten die winter. Het ergste diezelfde winter - behalve de stilte om mij heen - was het verlaten van de douche om af te drogen. Van pakweg 40 graden warm water naar 10 graden koude lucht in de slaapkamer, wat een overgang, brrr. Alleen leuk wanneer je een sauna bezoekt, dan ben je daarop ingesteld en dat doe je bovendien niet elke dag. Aanvankelijk en aan het einde van de rit heb ik daar in de oppas woning ook nieuw werk geschilderd. Midwinter kreeg ik bevroren handen (voor mijn gevoel ten minste) wanneer ik in het onverwarmde atelier aan het werk ging. De woonruimte had verwarming, een soort van warmtepomp, maar qua capaciteit was dat niet voldoende. Met moeite haalde ik 19 graden overdag en dat is niet veel wanneer je stilzit en wanneer je wat ouder begint te worden. Het lange verblijf op Bali zal ook invloed hebben gehad. En het feit dat ik ben geboren bij een buitentemperatuur van 33 graden. Hoe dan ook, ik had onderdak voor ruim een half jaar en doodde de tijd met films kijken, koken, onkruid trekken in de tuin en boodschappen doen. Saai was het wel, dat moet gezegd.
Enkele maanden voordat de oppas termijn verstreek had ik mij aangemeld bij een web site van de franse overheid voor het zoeken van een sociale huurwoning in dezelfde omgeving. En ook bij een site waar ze mensen zoeken die - in ruil voor onderdak en eten - part-time willen assisteren bij een verbouwing of voor het onderhouden van een tuin of een landgoed. Daar rolden een aantal contacten uit, die waren echter niet op maat. Verder zocht ik on line en bezocht ik met enkele makelaars een appartement in de omtrek. Die vielen stuk voor stuk tegen of waren eenvoudigweg te duur om te huren. Tegen de tijd dat ik mij zorgen begon te maken voor het vinden van nieuw onderdak (enkele weken voor het verstrijken van de afgesproken termijn) kreeg ik onverwacht bericht van een instantie in Alès (een voormalige mijnwerkers stad) en die boden mij een eenkamerwoning aan tegen zeer schappelijke huur. Na bezichtiging heb ik meteen ja gezegd, ook om te voorkomen dat ik op straat kwam te staan en/of eeuwigdurende logeerpartijen tegemoet zou gaan zien. Met gebruikt hout (uit het kasteel) dat ik in de opslag had, heb ik een keuken en kasten getimmerd. Van een drieluik een kamerscherm gemaakt en na een week flink aanpoten kon ik verhuizen en mijn intrek nemen in dat kleine, maar knusse appartement en daar woon ik tot op heden. Wel met de gedachte dat ik de verhuisdozen beter nog even kan bewaren.
zondag 17 december 2017
Nederlandse televisie
Ook al woon ik enkele decennia over de grens, wanneer mogelijk volg ik een aantal programma's op de Nederlandse televisie. Soms ook ingegeven door artikelen in Nederlandse kranten of via de Blendle website. In Indonesië lukte dat volgen met een zekere vertraging via het BVN kanaal, hetgeen staat voor het Beste van Vlaanderen en Nederland. Dan keek ik de volgende dag 's morgens De Wereld Draait Door (DWDD) bijvoorbeeld en bleef zo enigszins op de hoogte van actualiteit, muziek en andere culturele onderwerpen. Nu, wonende in Frankrijk, gebruik ik de mogelijkheid om je internet (IP) adres te verbergen of te veranderen en zo kun je pretenderen in te loggen via een provider in Nederland. Op die manier kun je rechtstreeks een programma bekijken en dat doe ik met een zekere regelmaat. Of, wanneer ik geen haast heb, de volgende dag(en) via Uitzending Gemist, dat kan ook nog.
Het frequent zien van een aantal praatprogramma's (met Matthijs van Nieuwkerk, Jeroen Pauw en nu en dan afgewisseld door Eva Jinek) is vaak onderhoudend en verrassend, dat moet gezegd. Zelfs humor ontbreekt veelal niet, afhankelijk van de onderwerpen en van wie er aan tafel zit. Soms ook hele serieuze zaken, gerelateerd aan misdrijven of misstanden in de samenleving. En in maart 2017 waren er de verkiezingen voor een nieuw parlement en daaropvolgend de samenstelling van een nieuw kabinet voor het land. Allemaal goed kunnen volgen! Via interviews en reportages.
Over interviews gesproken, begint het wel op te vallen hoe klein Nederland is en hoe dat weerspiegelt in de programma's. De makers van televisie - en met name de praatprogramma's - zijn meer en meer geneigd om op televisie te praten over televisie. Dat een nieuw programma er aan staat te komen en dan zitten die makers of presentatoren aan tafel. Om de kijkers alvast nieuwsgierig te maken en om hun programma te promoten. Of dat een bepaald programma zo succesvol of verrassend was en dan wordt daar uitgebreid op in gegaan.
Zo zaten een keer de presentatoren van het programma de Slimste Mens aan tafel. Oorspronkelijk een Belgische formule (format), waar aan een aantal kandidaten met een zekere naamsbekendheid vragen worden gesteld en puzzels worden voorgelegd, bedoeld om snel en adequaat te reageren en zo veel mogelijk seconden te behouden ten opzichte van de tegenspelers. De winnaar wordt na vele ronden uitgeroepen tot de Slimste Mens. In Nederland gepresenteerd door brombeer / historicus Maarten van Rossum en zijn generatie genoot, de bejaarde nieuwslezer / journalist Philip Freriks. Dit duo schijnt dat programma onbedoeld al 10 jaar te presenteren, hetgeen als succesvol werd beoordeeld. Reden voor mij om eens een uitzending te bekijken en ook de Belgische variant te gaan zien. Wat een wereld van verschil!
Zoals al wel eens bleek uit fragmenten die werden getoond bij De Wereld Draait Door, lach je je bij de Belgen helemaal suf door het commentaar van de spelers, door de soort presentatie gedaan door de spelleider en door de alsmaar grappen makende jury leden. Die laatsten zijn veelal schrijvers en cabaretiers uit Vlaanderen en uit Nederland.*) Vol droge en gevatte humor, waarbij het Vlaams veelal ook nog eens een extra smeuïge bijdrage levert. Wie er gaat winnen, dat doet er eigenlijk helemaal niet toe!
De presentator - Erik van Looy - wordt vaak in de maling genomen en soms overladen met kritiek op zijn uiterlijk en zijn manier van spreken. Wordt hij boos? Nee, integendeel, hij lacht zich een ongeluk bij het horen van gevatte opmerkingen en steekt zo iedere aanwezige aan, ook het publiek. Soms staat hij hikkend van het lachen en naar adem snakkend sprakeloos met zijn vragenlijstje te wapperen.
Dan de Nederlandse variant. Alsof er net iemand overleden is, zo bloedserieus worden daar de vragen gesteld en de antwoorden gegeven. Gortdroog, en dan zonder enige humor. Met de indruk dat er wordt gespeeld om een miljoen euro te kunnen gaan verdienen. Ter relativering hebben ze dan van Rossum als jury lid in een fauteuil geplant en die mag zo nu en dan sceptische opmerkingen maken en over allerlei zaken het tegendeel beweren. Niet te kauwen zo een uitzending, iedere seconde lijkt wel het drievoudige te duren, terwijl formule en decors een directe afspiegeling zijn van het Belgische programma. Via Youtube heb ik krom gelegen van het lachen bij het zien van een flink aantal Belgische afleveringen. Die mogen van mij nog wel jaren doorgaan!
Tegenwoordig is het wel fijn dat je, dankzij snellere internet verbindingen, allerlei programma's, films en documentaires kunt zien wanneer je dat zelf wilt. Toen ik begin twintig was had ik wel een oud (zwart-wit) TV toestel in huis, maar geen antenne om iets te ontvangen. Was er sprake van een opzienbarende uitzending, dan trok ik het toestel (er zaten kleine wielen onder) aan het snoer over de galerij naar buren iets verderop in hetzelfde flatgebouw. Zij hadden geen toestel en wel een antenne aansluiting. Zo moesten we wel heel gemotiveerd zijn om een uitzending te volgen. Enige tijd later bood mijn vader mij hun kleuren televisie aan - zij hadden een nieuwe gekocht - en dus werd het tijd om ook een antenne aansluiting te verzorgen. Bovendien wilde ik een videorecorder, zo kon ik van tevoren programma's en films kiezen in een TV-gids, die opnemen en terugkijken wanneer het mij uitkwam. Het was wel veel knip- en plakwerk om de videohoezen van korte beschrijvingen te voorzien, maar dat had ik er graag voor over. Uiteindelijk werden al die videobanden nutteloze, oude troep. Helemaal omdat de meeste banden beschimmeld raakten in het vochtige klimaat na verhuizing naar Indonesië. In dat opzicht wel fijn dat vandaag de dag soortgelijk materiaal overal te vinden is en eventueel in een iCloud kan worden opgeslagen. Zo kun je uit die wolkenhemel plukken wat je maar nuttig of leuk vindt en ook wanneer je dat wilt.
*) Onder andere Philippe Geubels, Herman Brusselmans, Marc-Marie Huijbregts, Wim Helsen, Jeroom Snelders en Jan Jaap van der Wal
Abonneren op:
Posts (Atom)





